|
|
|||||||
![]() |
|||||||
FlashDe flash is een truc die met ieder aantal en iedere soort objecten kan worden gedaan. De Flash uitleggen is erg simpel: gooi alle ballen de lucht in, en vang ze daarna weer op! Hierbij is het de bedoeling dat alle ballen (of kegels of wat dan ook) tegelijk in de lucht zijn, zodat allebei je handen eventjes leeg zijn. Doe je deze truc binnen, zoek dan een kamer met een hoog plafond!
Om te kunnen flashen moet je hoge, precieze worpen kunnen maken. Dat kun je het beste eerst even 'droog' oefenen met één bal (zoals bij het leren van de cascade): Gooi een bal lekker hoog op, vier keer zo hoog als normaal, en vang hem weer. Het gaat er hier om dat je je handen zoveel mogelijk in de cascade-positie houdt! Een bal hoog gooien kan iedereen, maar als je straks een Flash wilt kunnen doen, moet je de hoge bal zo gooien dat hij nog steeds precies bij je andere hand uitkomt. Oefen dit (met links én rechts) totdat je geen grote bewegingen meer hoeft te maken om de bal te vangen. Probeer het dan vanuit de cascade: gooi vanuit de cascade een bal hoog de lucht in, houdt de andere twee even vast, en ga als je de bal vangt meteen door met de cascade. Als je de hoge worp goed onder de knie hebt, zou dit niet zo moeilijk moeten zijn. Hierna kun je doorgaan met twee hoge ballen. Bij twee hoge ballen zul je merken dat het tegenvalt om twee hoge ballen even hoog te gooien. Hoewel de ballen niet precies even hoog moeten komen, is het wel handig als ze in het cascade-ritme weer terugvallen in je handen.
Als één en twee hoge ballen lukt kun je de echte Flash (3 hoge ballen) gaan proberen. Hierbij is het dus de bedoeling dat allebei je handen tegelijk eventjes leeg zijn. Om dit te benadrukken kun je proberen terwijl alle ballen hoog in de lucht zijn in je handen te klappen voor je ze weer vangt. Natuurlijk kun je ook twee keer in je handen klappen, of nog vaker... Ken je dit allemaal al? Probeer dan eens een pirouette te draaien terwijl de ballen in de lucht zijn! Probeer het eerst eens met 1 bal: Gooi de cascade, werp één bal hoog de lucht in, draai snel een pirouette, en vang de bal weer op (en ga meteen door met de cascade). Zeker bij de pirouette zul je merken dat het erg belangrijk is om de hoge bal netjes te gooien, omdat je veel minder tijd hebt om de positie van je vangende hand aan te passen. Je kunt de piroutte ook met 2 of zelfs met 3 ballen in de lucht proberen! Het publiek zal dit een fantastische truc vinden! |
|||||||
![]() |
|
||||||